Bosbeheer in het Almeerderhout


Het Almeerderhout is een gebied dat bestaat uit ongeveer 1200 hectare multifunctioneel bos. In de omgeving van Oosterwold gaat Staatsbosbeheer op korte termijn starten met grootschalige werkzaamheden in hun bos. Dit gebeurt om het bos gezond te houden, te dunnen en verjongen voor de houtproductie, maar ook zeker om het bos aantrekkelijk te maken en te behouden voor recreatie. Boswachter Charlotte Almekinders van Staatsbosbeheer licht toe hoe ze aan het werk gaan.

Bosbeheer en bomen kappen hangen nauw samen. Bomen zijn waardevol voor de opslag van CO2. Mensen recreëren graag in bossen en hout is een belangrijk product voor mens en dier. Daarom wegen we zorgvuldig af waar en wanneer we bomen gaan kappen. Er zijn goede redenen om bij het uitvoeren van beheer bomen te kappen in bos en natuurterreinen. Houtkap is nodig om bos gevarieerd, weerbaar en toekomstbestendig te houden. Hier profiteren zowel mens als dier van.

Het bos gezond houden
Er is een bomenziekte in Europa uitgebroken, de Essentaksterfte. De ziekte ontstaat door een schimmel, het vals Essenvlieskelkje. Deze schimmel is vanuit ZO-Azië naar Europa gekomen en sinds 2010 begonnen aan zijn opmars in Nederland. Vanaf 2012 werd de ziekte ook voor het grote publiek steeds beter zichtbaar. Vanaf 2016 heeft Staatsbosbeheer een begin gemaakt met het kappen van de zieke essen. Er is geen genezing van de aangetaste bomen mogelijk. Daarom zijn we genoodzaakt geweest om de aangetaste bomen die een risico opleveren langs paden en wegen met spoed te verwijderen. Op veel plekken is er voor gekozen meer dan alleen de randen te kappen. Zo komt ook hier op grotere oppervlakte weerbaar en gevarieerd bos terug.

Juist in Flevoland zijn in het verleden heel veel monoculturen van essen geplant. Het beslaat 20 tot 25% van de totale bomenpopulatie in eigendom van Staatsbosbeheer. We zien nu met eigen ogen wat het aanplanten van monoculturen voor gevolgen kan hebben voor je bosbeeld. Vanaf 2018 is Staatsbosbeheer ook in het Almeerderhout begonnen met het kappen van de zieke essen. Gezonde en hopelijk resistente essen sparen we uiteraard, zodat de es op de langere termijn mogelijk weer een belangrijke rol in onze bossen kan spelen. Gevarieerde aanplant in soort en herkomst, dat is de toekomst om de bossen en beplantingen duurzaam te behouden voor de verschillende functies. Dit is in ieders belang. Voor meer informatie over de essentaksterfte in Almere, zie almere.nl: Essentaksterfte.

Dunnen (regulier bosbeheer)
Houtkap is nodig om bos gevarieerd en toekomstbestendig te houden. We maken daarmee ruimte voor jonge bomen (‘dunnen ’en verjonging van bos). Normaal wordt er in een cyclus van 5 jaar in elk werkblok gedund (gekapt ten behoeve van het bos). Nu met de essentaksterfte is dat op vele plekken een aantal winters achter elkaar. Normaal wordt per jaar 10 tot 20 hectare opnieuw geplant. Nu door de essentaksterfte kan dit oplopen tot gemiddeld 40 hectare de aankomende 5 jaar.

Houtproductie
Van oudsher draagt Staatsbosbeheer bij aan houtproductie in Nederland. We vinden het belangrijk dat dat duurzaam en zo verantwoord mogelijk wordt uitgevoerd. Duurzaam bosbeheer betekent onder andere: nooit méér hout uit het bos oogsten dan er bij groeit. We beheren het bos volgens de regels van FSC, het strengste onafhankelijke keurmerk ter wereld voor duurzaam bosbeheer. Dit wordt al 20 jaar aan Staatsbosbeheer toegekend, iets waar je als organisatie trots op mag zijn.

Hoe gaan we te werk?
Als je in ons bos loopt zal je zien dat er op veel bomen een gekleurde stip is aangebracht. Een blauwe stip is een toekomst boom en mag blijven staan. Een boom met een oranje stip moet wijken. Bijvoorbeeld omdat deze boom ziek is, maar vaak om ruimte te geven aan de (toekomst) bomen die hier het meest van profiteren. Bomen strijden om aan hun licht behoefte te voldoen. Bij dunnen stimuleren we de groei van de beste bomen door hun directe concurrent erbij weg te nemen. Niet altijd met het oog op de houtkwaliteit, ook op hun recreatieve en natuurwaarden.

   
Boom met oranje stip                                                              De Pro Silva

Naast deze stippen staan er ook oranje strepen. Deze wijzen delen van het bos aan waar we dunningspaden aanleggen. Deze paden blijven tot in de oneindigheid de rijbanen voor de zware bosbouw machines. De machines hebben vanaf deze paden de mogelijkheid twee richtingen op te werken. Door deze werkwijze beperk je de bodemverdichting door je hele bos. De laatste jaren werken we al steeds meer met machines die lichter zijn en uitgevoerd worden met tracks, om zo de verdichting van de bodem te beperken. Dit is de belangrijkste reden dat we in het Almeerderhout voornamelijk werken met de Pro Silva. Een machine die beschikt over al deze eigenschappen.

Waarom werken we met grote machines?
We werken met grote machines omdat dat efficiënter is. Bomen kappen kost zo minder geld, waardoor er meer geld overblijft voor natuurbeheer. We gebruiken de machines alleen op plekken waar dat kan. Daarbij proberen we zo veel mogelijk de paden en overige natuur te ontzien. Kort na de houtoogst ziet het bos er vaak niet fraai uit. Dit beeld verandert echter snel; er gaat weer van alles groeien. En we herstellen beschadigde paden en wegen zo snel mogelijk, zodra het weer dat toelaat.

Heb je nog vragen?
Neem dan contact op met boswachter publiek: Charlotte Almekinders, c.almekinders@staatsbosbeheer.nl Tel. 0622365907 (ma t/m do) of de boswachter beheer Johan van Onna, j.vanonna@staatsbosbeheer.nl.
Heb je algemene vragen mail dan naar: oosterwold@staatsbosbeheer.nl.


Boswachter Charlotte Almekinders in Almere.